Hoe je een Yule offermaal bereidt, of de kerstmarkt (een beetje) naar huis haalt

Hoe je een Yule offermaal bereidt, of de kerstmarkt (een beetje) naar huis haalt

Leestijd: 6 minuten

Kerstmarkt. Een paar jaar geleden zijn we in Sauerland naar een kerstmarkt geweest, zo’n echte Duitse Weihnachtsmarkt zoals alleen de Duitsers het kunnen. Met veel lichtjes, houten stalletjes, glühwein (en bier) op elke 5 meter, broodjes Bratwurst naast een vuurkorf, Lebkuchen, houten kerstversieringen en verse warmgerookte zalm tussen heerlijke kerstmuziek. Lekker kitscherig, maar vooral gezellig in de kerstsfeer komen. Vorig jaar ging de kerstmarkt natuurlijk niet door. Dit jaar hoopten we wel te kunnen gaan, maar corona gooit opnieuw roet in het eten. Nu we niet naar de kerstmarkt toe kunnen, kunnen we misschien de kerstmarkt naar huis halen?

We hebben de kerstboom van vorig jaar, die het buiten overleefd heeft, weer binnen gehaald. Engeltjes hangen in rode takken van de gesnoeide kornoelje uit oma’s tuin. De afgelopen weken hebben we steeds een stukje kerstmarkt in huis gehaald. Van Lebkuchen bakken tot een broodje warmgerookte zalm maken en een variant op Glühwein brouwen. Een heerlijke voorbereiding op de 12 heilige nachten die vanaf Midwinter ingaan.

Zoals in de blog van vorige week genoemd zijn de 12 heilige nachten van oorsprong een Germaans midwinterritueel. Onze Indo-Europese voorouders leefden in verbinding met de natuur en vierden de winterzonnewende groots. In de stille tijd tussen Midwinter en het nieuwe zonnejaar is de sluier tussen de werelden dun en kan makkelijker contact gelegd worden met de geestenwereld. Het is de periode om de voorouders te eren en de geboorte van het licht te vieren. Yule of het Joelfeest is een vruchtbaarheidsfeest, om te zorgen voor de terugkomst van de zon en een goede groei van de voorjaarsgewassen. Vandaar de aandacht voor de vruchtbaarheidsgodin Freyja of Frigg, de vrouw van Odin/Wodan, tevens Godin van de liefde. Ze zorgt voor de seizoenen en is hoedster van alles dat groeit.

Tijdens de 12 heilige nachten werkten de Germanen niet, dat zou ongeluk brengen. Alles stond in het teken van het draaien van het jaarwiel op het donkerste punt van het jaar, om het licht uit de duisternis geboren te laten worden. Vuur speelde daarbij een belangrijke rol. Zo werd het Joelblok of Yule log, een groot stuk hout uit het bos, versierd en aangestoken om alle 12 nachten te blijven branden. Tegenwoordig is het in Franstalige landen nog bekend als Bûche de Noël, een kerstdessert in de vorm van een stronk.

Er werd geofferd aan de goden en de voorouders, bijvoorbeeld met een offermaal. Gedurende de nacht bleef het eten en drinken staan voor de geesten. De traditie van gezamenlijk eten met familie en vrienden vinden we nog steeds wereldwijd terug. Op de kerstmarkt maakt eten ook een belangrijk deel uit van de gezelligheid. Bij ons is het broodje warmgerookte zalm favoriet. Op de markt wordt deze op houten planken gebonden en naast het vuur gezet.

Ik heb een gemakkelijke versie gemaakt in onze kleine rookoven. De verse zalm heb ik eerst gepekeld met een dry rub van zeezout, bruine suiker, dille en citroenschillen. Na een flink half uur de zalm afgespoeld en afgedroogd en anderhalf uur laten rusten in de koelkast. Vervolgens in de rookoven en op de houtkachel gezet. Het duurde wat langer dan verwacht, maar na anderhalf uur was de zalm gaar. Dit ging op een kaiserbrötchen. Zonder saus, want de zalm had al zoveel smaak van zichzelf. Een echte traktatie.

Zoete traktaties ontbreken op de kerstmarkt natuurlijk niet. Overal staan kraampjes met Lebkuchen, vaak in hartjesvorm en versierd met glazuur. De traditionele kerstkoek lijkt sterk op het Engelse gingerbread. Het heeft ook wel wat weg van taai-taai, maar dan veel minder taai. De basis van Lebkuchen gaat terug tot de oude Grieken, Romeinen en Egyptenaren, die al platte zoete koeken maakten met honing en specerijen. Er zijn vele varianten in de loop der tijd ontstaan. In Europa hebben we de kruidige koeken te danken aan de Vikingen, die op hun reizen specerijen uit het Byzantijnse rijk mee terug namen naar huis.

Bron: Handschrift Stadtbibliothek Nürnberg Amb. 279.2°, Folio 11 verso (Landauer I)

De Duitse peperkoek of gemberkoek dateert uit de middeleeuwen, toen specerijen steeds meer uit het Verre Oosten werden geïmporteerd en honing de zoetmaker van die tijd was. De eerste Lebkuchen werden gemaakt door monniken, die ouwel (eetpapier) van de hosties gebruikten om de koeken niet te laten plakken. Later namen bakkersgildes in de verschillende steden het over, waarbij Neurenberg de meest bekende Lebkuchenstad is. Oorspronkelijk werden de koeken gemaakt van roggemeel met honing en specerijen, waarbij de bakkers het deeg enkele maanden lieten fermenteren voor het bakken. Gezien de hoge kosten van de ingrediënten, was het lekkers vooral voor de rijksten en werd het zelfs als betaalmiddel gebruikt.

Er zijn vele recepten voor traditionele en moderne Lebkuchen en elke stad of familie heeft haar eigen versie. In Neurenberg mag het deeg slechts voor 10% uit bloem bestaan en moet minstens 25% noten bevatten. Ik maakte de mijne met een eigengemaakte specerijenmix:

Lebkuchen

2 e.l. kaneel
1 th.l. kruidnagel
0,5 th.l. nootmuskaat
0,5 th.l. kardemom
0,5 th.l. gember
0,5 th.l. foelie
75 gram hazelnoten, gemalen
25 gram walnoten, gemalen
100 gram bloem
1 zakje bakpoeder
50 gram suiker
50 gram honing
1 groot ei

  1. Kluts het ei met de honing los.
  2. Meng de specerijen en droge ingrediënten erdoor.
  3. Maak 12 balletjes van het deeg.
  4. Bak ze op bakpapier in de Dutch oven boven een vuurtje, of in een gewone oven op 160°C voor ongeveer 10-12 minuten.
  5. Eventueel kun je de koeken als ze zijn afgekoeld nog glazuren met chocola.

Naast al dit lekkers kan een drankje natuurlijk niet ontbreken. Zeker niet op een Duitse Weihnachtsmarkt, waar de drank rijkelijk vloeit. Alweer iets wat onze verre voorouders ook al graag deden. De oudst bekende beschrijving van een Joelfeest gaat over Joeldrinken. Dit wordt benoemd in een skaldendicht (een gedicht over de Noordse mythologie door een hofdichter in de Vikingtijd) uit 900. Hierin staat dat joeldrinken voor zeekrijgers de manier was om het joelfeest te vieren. Met dezelfde specerijen die de Vikingen meebrachten uit verre landen werd door onze noordelijke buren al wijn verrijkt om de slechte kwaliteit ervan te verdoezelen. Om je een beetje op te warmen in de barre Scandinavische winters werd de wijn verhit en gezoet met honing. Deze variant van Glühwein heet Glögg (Zweeds) of Gløgg (Deens en Noors) en er zijn mensen die het lekkerder vinden dan de bekende kerstwijn uit de Duitstalige landen. Je maakt het een dag van te voren, om het de volgende dag opnieuw op te warmen en zo heet mogelijk te drinken. De smaak van de specerijen is dan lekker ingetrokken. Overigens ontwikkelde de warme wijn zich pas in de 19e eeuw tot het nu populaire kerstdrankje.

Iedereen hele fijne en magische 12 heilige nachten gewenst, op naar het nieuwe jaar 2022!

Glögg (ca 4 kleine glaasjes)

300 ml rode wijn
120 ml port
1 eetlepel honing
schil van 0,5 sinaasappel
1 kaneelstokje
2 kruidnagels
1 theelepels gemalen steranijs
1 theelepels gemalen kardemom
60 gram rozijnen
1 eetlepel amandelschaafsel

  1. Schenk de wijn en port in een ruime pan en voeg de honing, sinaasappelschil en specerijen toe. Verwarm dit een minuut of 20. (Niet laten koken, dan verdampt de alcohol)
  2. Haal de pan van het vuur en laat het mengsel nog een paar uur trekken voordat je het geheel zeeft.
  3. Doe de rozijnen erbij en laat de Glögg nu met rust.
  4. De volgende dag verwarm je de wijn (opnieuw zonder te koken) en schenk het in glazen. Strooi er wat amandelschaafsel over voor het serveren.

Bronnen:

Born, W. (1989). Eten door de eeuwen. Bosch & Keuning.
Buddingh, D. (1837). Edda-leer, of Handboek Voor De Noordsche Mythologie. [E-book]. L. E. Bosch.
Goldstein, D., & Mintz, S. (2015). The Oxford Companion to Sugar and Sweets. Oxford University Press.
Grimmsma, B. (z.d.). Het Joelfeest. Nederlands Heidendom. Geraadpleegd op 30 november 2021, van http://www.nederlandsheidendom.net/HET%20JOELFEEST%20-%20leidraad.pdf
Lebküchner. (1520). [Illustratie]. Die Hausbücher der Nürnberger Zwölfbrüder- stiftungen. https://hausbuecher.nuernberg.de/75-Amb-2-279-11-v/data
Lindbergh, K. H. (2019, 30 november). Glögg till jul 1800-talsfenomen. Popularhistoria.se. Geraadpleegd op 27 november 2021, van https://popularhistoria.se/vardagsliv/hogtider/glogg-till-jul-1800-talsfenomen

Eén gedachte over “ Hoe je een Yule offermaal bereidt, of de kerstmarkt (een beetje) naar huis haalt

  1. Nu we toch thuis moeten blijven, kunnen we lekker gaan frőbelen in de keuken. Ik maakte vandaag alvast walnootkoekjes. Een fijne en vooral lekkere kerst gewenst

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

%d bloggers liken dit: