De taal van het water ontdekken: zeilen in Groningen (en Drenthe)

De taal van het water ontdekken: zeilen in Groningen (en Drenthe)

Leestijd: 5 minuten

Zeilen. Afgelopen week besloot ik een middag vrij te nemen omdat de overuren de spuigaten uitliepen. Wederhelft bedacht spontaan dat we dan wel konden gaan zeilen op het Paterswoldsemeer bij Groningen. Het zou prachtig weer zijn, warm zelfs. En wat is er lekkerder dan op het water zijn met warm weer? Op de valreep gingen we naar het Zuidlaardermeer op de grens tussen Groningen en Drenthe, want er was met de reservering iets misgegaan. Het was alweer wat jaartjes geleden dat we gezeild hadden. Nu is mijn kennis van zeilen beneden peil. Ik houdt nog net bakboord en stuurboord uit elkaar en weet wat de fok is, omdat dat steevast de opdracht is die ik krijg: “trek de fok nog wat aan”. Ik zorg dat ik in de kuip blijf zitten, zodat ik bij het overstag gaan – zie ik nooit aankomen – niet onthoofd word. Na twee keer overstag ben ik mijn oriëntatie al kwijt. Ik zie allemaal boeien in het water, maar kan er geen touw aan vastknopen waar de vaargeul zich dan bevindt.

Op het water zijn, de wind langs je heen voelen en het geklots van het water tegen de onderkant van de boot snap ik dan weer wel. Het ene moment in de zon, dan weer in de schaduw van je zeil, vogels die zwevend een luchtstroom met je delen. Ik kan er mijn hart aan ophalen. Het hoeft van mij niet hard te gaan, krijg ik alleen maar kramp van in mijn handen. De fok kon niet vastgezet worden en dan voel je de kracht van de natuur in je slappe computerhanden. Lekker als er afwisseling is in wat rustiger vaarwater op halve wind (vraag het me niet, ik praat na wat gezegd werd). Het was slechts een paar uurtjes, perfect om er even uit te zijn en de bakens te verzetten.

Manlief zeilt van kleins af aan en is er stapelgek op. Het is als fietsen, ook al doe je het jaren niet, je verleert het nooit. Uitleggen aan een ander blijkt ingewikkelder te zijn. Wanneer iemand nauwelijks zeilervaring heeft, dan kom je er niet met “we gaan gijpen” of “haal de schoot weg achter de kikker” zonder toelichting. Als we vaker gaan zeilen gooien we het over een andere boeg en moet ik een zeilcursus volgen of hij een cursus didactische vaardigheden, om tussen de klippen door te zeilen.

Jaren geleden gingen we wel eens zeilen met een catamaran. Onze zoon kon nog niet eens lopen. Dan namen we de box mee, zetten die vast op het dek, hangmatje erin en zoon ging heerlijk onder zeil. Wat later huurden we wel eens een bootje en gingen de kinderen mee met zwemvestjes aan. Ik hield wel een oogje in het zeil, want kinderen en het water zijn even onvoorspelbaar. Het waren nogal wildebrasjes, maar het ging altijd goed. Met de zomer voor de boeg zijn we van plan vaker het water op te zoeken.

Nederlanders zijn van oudsher een varend volkje. In de taal hoor je dat terug, het zit boordevol  spreekwoorden en uitdrukkingen. Soms heb je niet eens door dat het in het zeilen zijn oorsprong heeft. Iedereen kent wel de uitdrukkingen “alle zeilen bijzetten”, “de wind in de zeilen hebben” of “iemand de wind uit de zeilen nemen”. Daar is geen uitleg voor nodig, iedereen begrijpt waar het vandaan komt en wat ermee bedoeld wordt. Wat dacht je van “het reilen en zeilen”? Duidelijk iets met zeilen en we weten dat de betekenis heeft van hoe de situatie is, zoals het eraan toe gaat. Maar wat is reilen? Het blijkt een verbastering van rijden te zijn. Ooit in de 16e eeuw was de uitdrukking “zoals het rijdt en zeilt” waarbij rijden aangeeft dat het schip voor anker ligt en wat naar voren en naar achteren beweegt. Een eeuw later zorgde onze voorliefde voor rijm ervoor dat rijden verbasterde naar reilen (Taalloket, 2019).

“Bakzeil halen” is ook zo’n mooie uitdrukking. Het blijkt te komen van het Engelse “to back a sail” waarmee werd aangegeven dat de wind van voren in de zeilen blaast en waardoor het schip vaart mindert. Het betekent in figuurlijke zin dan ook dat je terugkrabbelt, minder eisen stelt dan eerst (Taalloket, 2013).

Waar ik niet zo snel de link met zeilen leg zijn de gezegden “ergens (in) verzeild raken” of “met de kloten voor het blok zitten”. Die laatste heb ik altijd een ander beeld van gehad, op de één of ander manier zag ik altijd een slager wijdbeens voor een groot slagersblok zitten. Ook dan kun je niet verder, maar dat is niet waar het vandaan komt. Een blok blijkt een katrol te zijn, waardoor de lijnen liepen waarmee het grootzeil aan de mast bevestigd was. Om het hijsen en strijken van de zeilen soepel te laten verlopen werden er houten kralen (kloten) aan bevestigd. Kwam tijdens het hijsen zo’n kloot voor het blok, dan kwam de lijn vast te zitten en kon je niet verder (Martin & Thelen, 2017).

Ook dwarsliggen (haaks op de wind of golven), laveren (zigzag varen om tegen de wind vooruit te kunnen) en poolshoogte nemen (positie bepalen aan de hand van de hoogte van de Poolster) blijken uitdrukkingen te zijn vanuit de zeilhistorie. Ruimschoots: een snelle en comfortabele koers met de wind schuin van achteren, zodat de schoten (lijnen waaraan de zeilen vastzitten) gevierd kunnen worden om optimaal wind te vangen (Martin & Thelen, 2017). Ik vind het prachtig dat onze taal al eeuwen doorspekt is met deze termen en gezegden, terwijl een groot deel van de gebruikers niet in de peiling heeft wat de oorsprong ervan is.

Wat mooi dat we onze rijke geschiedenis kunnen gebruiken in de huidige taal. Ik kon het niet laten het overvloedig toe te passen, ik weet dat het er soms dik bovenop ligt. Leuke uitdaging voor de taalvirtuozen, hoeveel van deze nautische uitdrukkingen met figuurlijke betekenis kun je in deze blog vinden?


Bronnen:

Martin, W., & Thelen, M. (2017). Vaktaal: van achterhand tot zwavelgeel elfenbankje . Amsterdam University Press.
Taalloket. (2019, 23 mei). Reilen en zeilen. Onzetaal.nl. https://onzetaal.nl/taaladvies/reilen-en-zeilen/
Taalloket. (2013, 10 oktober). Bakzeil halen. Onzetaal.nl. https://onzetaal.nl/taaladvies/bakzeil-halen/

6 gedachten over “De taal van het water ontdekken: zeilen in Groningen (en Drenthe)

  1. Wat een goed idee om met zeer warm weer het water op te gaan ipv erin
    Dan kun je ook niet in iemands vaarwater zitten

  2. Zonder de pretentie te hebben een taalvirtuoos te zijn, tel ik er 17.
    De uitleg van jou over de ‘kloten voor het blok’ in vroegere tijd vind ik mooier dan de werkelijke betekenis.
    Maar zeer humorvol verhaal 🙂

    1. Je hebt aan mijn verwachtingen voldaan . Ik dacht dat het er 17 waren, het blijken er 18 te zijn. Sommige zijn verrassend. Ik verklap ze later.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: